Bijbelse portretten in Amsterdamse portieken
Zowel in Amsterdam als in Haarlem zijn in bepaalde straten bijzondere gevelstenen en katholieke architectuur te zien. Michel Bakker liep ze af. Deze keer neemt hij u mee naar het Amsterdamse Bos en Lommer, waar een huizenblok gesierd is met Bijbelse scènes. In de binnentuin staat zelfs een Mariakapel. In het afgelopen juninummer van SamenKerk bezocht hij de zogeheten ‘Heilige Huisjes’ in Haarlem-Noord.
Akbarblok
Dit zogeheten ‘Akbarblok’ (vernoemd naar de negentiende-eeuwse roman ‘Akbar’ van Petrus van Limburg Brouwer - red.) werd gebouwd in 1950-1951 in de wijk Bos en Lommer als onderdeel van het Algemeen Uitbreidingsplan uit 1934 van de Dienst der Publieke Werken. De R.K. Woningbouwvereniging ‘Het Oosten’ uit 1911 kwam met haar bouwplannen in botsing met de gemeente. Zij wilde nu eens grote woningen op haar bouwkavels (vanwege de grote katholieke gezinnen) en dan ook nog met de slaapvertrekken en keukens aan de tuinzijde. De woningbouwvereniging kreeg na veel discussies haar zin.
Hierna brak een nieuw conflict uit, nu over de binnentuin. Daar wilde de woningbouwvereniging een voor iedereen vrij toegankelijke Mariakapel. Dit was in strijd met het plan om de Sint-Josephkerk aan de Erik Roodestraat als katholiek gebedshuis van de wijk te laten fungeren. Tot 1957 was het touwtrekken. Toen werd er een Mariabeeld geplaatst en de kapel ingewijd met de afspraak, dat de hekken aan de Bos en Lommerweg alleen geopend zouden worden op hoogtijdagen. De kapel was overigens wel altijd voor de bewoners van de huizen toegankelijk.
Bijbelse beelden
De ingangspartijen van het ‘Akbarblok’ werden in 1954-1955 gesierd met reliëfs (kapitelen) van circa vijftig cm hoogte over het leven van Christus aan het Van Schaffelaarplantsoen en aan de Akbarstraat met voorstellingen uit het Oude Testament. De reliëfs zijn ter plaatse gemaakt in kalksteen door Jan Meefout, Willem Reijers en Arie Teeuwisse.
Het is niet bekend in hoeverre de beeldhouwers vrij konden kiezen uit de Bijbelse voorstellingen; waarschijnlijk werden zij in de onderwerpskeuze gestuurd door de woningbouwvereniging. De beperkingen van het kleine formaat van de kapitelen en de complexiteit van de geselecteerde motieven dwongen vaak tot een geconcentreerde, haast schetsmatige, gesloten vormgeving. Reijers wist de oudtestamentische onderwerpen op een vrije en lichte, soms haast stripachtige wijze uit te werken.
Bijbelse verhalen van het Oude naar het Nieuwe Testament
- Leeuwendalersweg 31: De schepping van Adam (Genesis 1:27 en 2:7). De schepping van Eva uit Adam (Genesis 2:21-22).
- Akbarstraat 34-32: De zondeval (Genesis 3:6 ). Verdrijving uit het paradijs (Genesis 3:23).
- Akbarstraat 30-28: Mozes splijt de wateren (Exodus 14:21-22). Het offer van Abraham (Genesis 22:1-19).
- Akbarstraat 26-24: Simsons dood (Rechters 16:23-31). Jacob en de engel (Genesis 32:23-33).
- Akbarstraat 22-20: Het manna (Exodus 16:1-16). Mozes bij de Rode Zee (Exodus 14:13-16).
- Akbarstraat 18-16: De Jacobsladder (Genesis 28:10-16). De bronzen slang (Numeri 21:4-9).
- Akbarstraat 14-12: De druiventros (Numeri 13:23). De brandende braambos (Exodus 3:1-6).
- Akbarstraat 10-8: David bij Saul (1 Samuel 16:14-23). David bij de Filistijnen (1 Samuel 17).
- Akbarstraat 6-4: Het oordeel van Salomo (1 Koningen 3:16-28). Judit en Holofernes (Judit 13).
- Bos en Lommerweg 248. Jona en de walvis (Jona 2). Elia ten hemel opgenomen (2 Koningen 2:11-12).
Nieuwe Testament (voorbij het hek van de binnentuin)
- Bos en Lommerweg 246. De aankondiging door de aartsengel Gabriël aan Maria (Lucas 1:26-38). Bezoek van Maria aan Elisabeth (Lucas 1:39-45).
- Jan van Schaffelaarplantsoen 3-5: Geboorte van Jezus (Lucas 2:1-7). Aanbidding door de drie wijzen uit het oosten (Matteüs 2:1-12).
- Jan van Schaffelaarplantsoen 7-9: De Heilige Familie in de timmerwerkplaats. De vlucht naar Egypte (Matteüs 2:13-15).
- Jan van Schaffelaarplantsoen 11-13: De doop van Jezus door Johannes (Marcus 1:9-11). Jezus in de tempel te midden van de leraren (Lucas 2:41-52).
- Jan van Schaffelaarplantsoen 15-17: De opwekking van Lazarus (Johannes 11:1-44). Jezus in de woestijn (Matteüs 4:1-11).
- Jan van Schaffelaarplantsoen 19-21: De wonderbare visvangst, roeping van de eerste leerlingen (Lucas 5:1-11). De bruiloft in Kana (Johannes 2:1-12).
- Jan van Schaffelaarplantsoen 23-25: Het laatste avondmaal (Matteüs 26:17-30). De intocht in Jeruzalem (Marcus 11: l-11).
- Jan van Schaffelaarplantsoen 27-29: Jezus voor Pilatus (Marcus 15:1-15). De Judaskus (Marcus 14: 43-52).
- Jan van Schaffelaarplantsoen 31-33: Jezus sterft aan het kruis. (Lucas 23:44-46). De Opstanding (Matteüs 28:1-15).
- Leeuwendalersweg 29: Nederdaling van de Heilige Geest (Handelingen 2:1-13). Hemelvaart van de Heer (Lucas 24:50-53).
Beeldhouwers
Johannes Petrus Wilhelmus (Jan) Meefout (29 december 1915 - 16 april 1993) was beeldhouwer en kreeg zijn opleidingen aan de Kunstnijverheidsschool Quellinus, de Nieuwe Kunstschool en bij Jan Bronner en Frits van Hall aan de Rijksacademie van Beeldende Kunsten in Amsterdam. Hij woonde en was gedurende zijn gehele leven voornamelijk werkzaam in Amsterdam, waar hij docent houtbewerking was aan de lerarenopleiding en docent beeldhouwkunst aan de Academie voor Beeldende Vorming. Meefout was onder andere lid van Arti et Amicitiae. Meefout stond erom bekend dat hij zijn beelden niet graag verkocht. Opdrachten, onder andere van de gemeente Amsterdam, verkreeg hij vaak via Hildo Krop met wie hij zich verwant voelde.
Adrianus Johannes Petrus Franciscus (Arie) Teeuwisse (9 mei 1919 - 21 augustus 1993) was beeldhouwer en illustrator/striptekenaar, onder andere voor de KRO-gids. Hij werd geboren in Amsterdam en volgde er van 1936 tot 1940 een opleiding aan het Instituut voor Kunstnijverheidsonderwijs, waar hij les kreeg van Jaap Kaas. Vervolgens startte hij een opleiding aan de Rijksacademie van Beeldende Kunsten eveneens in Amsterdam. Hier kreeg hij les van Jan Bronner. Deze opleiding moest hij afbreken in 1943, waarna hij onderdook boven de berenverblijven in Artis. Zijn verbinding met Artis via het onderduikadres en Jaap Kaas, die ook wel de beeldhouwer van Artis wordt genoemd, blijkt duidelijk aan het aantal beeldhouwwerken dat hij daar heeft achtergelaten. In 1945 kon hij zijn opleiding voortzetten en in 1947 was hij afgestudeerd.
Wilhelmus Ludovicus (Willem) Reijers (Arnhem, 12 maart 1910 - Alkmaar, 2 oktober 1958) was schilder en beeldhouwer. Hij volgde onderwijs aan de Grosvenor School of Modern Art in Londen en trok daarna naar Parijs, waar hij in de leer was bij de schilder Fernand Léger. In 1939 werkte hij gedurende vier maanden, tot het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in het atelier van de beeldhouwer Ossip Zadkine. Naast beeldhouwer was hij kunstschilder en illustrator. Hij wordt beschouwd als een van de vernieuwende beeldhouwers van vlak na de oorlog. In 1948 maakten vier van zijn sculpturen deel uit van de Nederlandse inzending voor de Biënnale van Venetië. Reijers was maar zo'n tien jaar als beeldhouwer actief. Hij liet een klein oeuvre van experimenteel werk na, dat door heel Nederland werd geplaatst. Adriaan Roland Holst noemde hem ‘een mengeling van aristocraat en holbewoner’.
Architecten
- Het architectenbureau Evers & Sarlemijn is onlosmakelijk verbonden met de hoogtijdagen van de katholieke verzuiling. G.J.M. Sarlemijn (16 april 1909 - 5 januari 1993) vestigde zich in 1932 als architect in Amsterdam. In 1940-41 volgde hij samen met onder meer A. Evers (18 april 1914 - 16 maart 1997) colleges bij M.J. Granpré Molière en in 1941 richtte hij met Evers het architectenbureau A. Evers & G.J.M. Sarlemijn op. Tijdens de bezetting hielden de beide architecten het hoofd boven water met kleine interieuropdrachten, opmetingen van monumenten en docentschappen. Ook volgden ze colleges bouwkunde en wijsbegeerte. Pas na de Tweede Wereldoorlog kreeg het bureau grotere opdrachten. Het bureau bouwde kerken en schoolgebouwen en was betrokken bij woningbouw. Tot de grotere opdrachten behoorde ook de Psychiatrische Inrichting Willibrord in
Heiloo. Beide architecten volgden vanaf 1947 de driejarige Cursus Kerkelijke Architectuur in het Kruithuis te ’s-Hertogenbosch. Deze cursus stond onder leiding van de benedictijner monnik Dom Hans van der Laan - de meester van het plastisch getal - en bedenker van de Bossche School, een katholieke variant van de traditionele Delftse School van Granpré Molière.
Sarlemijn was zeer actief in het katholieke verenigingswezen: Hij was secretaris van de kring van kerkenbouwers in het bisdom Haarlem (de Pieterskring) en bestuurslid van de Algemene Katholieke Kunstenaarsvereniging (AKKV). Met de benoeming tot Ridder in de Orde van de Heilige Gregorius de Grote kreeg hij voor deze werkzaamheden een hoge pauselijke onderscheiding. Evers, die lange tijd lid was van de Monumentenraad kreegde Gouden Speld van de Gemeente Amsterdam. Begin jaren tachtig van de 20e eeuw staakten de beide architecten hun werkzaamheden.
(dit artikel van Michel Bakker komt uit bisdomblad SamenKerk van juli
met dank aan Olga van der Klooster, Eric Heijselaar en pater Esko Kissboat IVE)
Gerelateerde nieuwsberichten | ||
| dinsdag, 19 mei 2026 | Haarlemse Heilige Huisjes |




















































