

De strijd om de ziel van de mens
gepubliceerd: woensdag, 25 april 2012
Grote kerkelijke feesten als Pasen en Kerstmis zijn voor de media altijd weer aanleiding om mensen te vragen wat ze er nog van weten. De afgelopen paastijd zag ik toevallig zo’n straatinterview op de Duitse TV. Aan voorbijgangers werd gevraagd: Wat vieren we nu eigenlijk met Pasen? Het is toch wel even schrikken.
Als eerste komt natuurlijk altijd de onvermijdelijke paashaas uit de hoge hoed. een ander meende stellig te weten dat het om een oud Germaans feest ging. Een derde kon ons meedelen dat de geboorte van Jezus gevierd werd. Alleen de moslims gaven onmiddellijk het juiste antwoord: Christenen vieren de Opstanding van Jezus uit de dood! Zij leven nog in een religieuze wereld, en weten wat de Islam leert en waar het verschilt van het Christendom.
Het laat onthutsend zien hoezeer onze christelijke cultuur verbrokkelt, hoe groot het religieus analfabetisme is. De stormen van onze tijd, van secularisme en materialisme, van falen ook binnen christendom en kerk zelf, hebben heel wat mensen van hun geestelijke ankers gerukt. Velen dobberen rond in een spiritueel vacuüm.
Maar daarin kan een mens niet lang leven. Daarin kan je ziel niet ademen. Het zuigt onherroepelijk andere dingen naar binnen. Dingen van deze wereld: succes, geld, genot. Of ook allerlei alternatieve spiritualiteit. Waarzeggers, astrologen en mediums hebben hoogconjunctuur. Zelfs antieke goden zijn weer in opmars. In Griekenland is de verering van Zeus, in Denemarken van Thor en Odin weer als officiële godsdienst erkend.
Maar ook Christus is nog lang niet uitgespeeld. De uitvoering van de ‘Passion’ in Rotterdam bracht duizenden op de been. Maar Hij moet het nu opnemen tegen heel wat nieuwe afgoden. Wat we ten diepste meemaken is de strijd om de ziel van de mens. Die wordt gevoerd op de areopaag van deze tijd, in het publieke debat - TV, tijdschriften en boeken - waar meningen over God en mens, geloof en wereld, stevig botsen. En zo hoort het ook. Maar bovenal wordt hij gevoerd in het hart van iedere mens. Dat laatste is bij ieder anders. Ik vind dat fascinerend om te zien. Als priester mag je daar wat dichter bij staan.
De strijd in het hart van iedere mens
Soms zit het er van jongs af aan al sterk in. In mijn eerste parochie had ik een misdienaartje van 8 á 9 jaar oud. Van zijn ouders mocht hij geen misdienaar zijn. Ze hadden niets met geloof en kerk. Maar hij was niet te houden. Stiekem klom hij uit het raam thuis om maar in de kerk en bij O.L. Heer te kunnen zijn. Uiteindelijk hebben z’n ouders maar gecapituleerd. De Geest gaat zo z’n eigen wegen. Anderen moeten eerst gebrokenheid ervaren, om zich heen en in zichzelf, om verlangen te ervaren naar Verlossing.
Ik heb het al eerder gezegd: Je bent geen christen omdat je zoveel beter bent dan anderen - de eerste christenen werden gerekruteerd uit zondaars, tollenaars en publieke vrouwen - , maar omdat je weet dat je vergeving en verlossing nodig hebt, en dat die je in Christus wordt aangeboden. Sommigen tenslotte, moeten eerst flink van de weg afraken, en hebben een aparte ervaring nodig om Hem later weer terug te vinden.
Zo is het bij mij gegaan, maar ook bij een van m’n vrienden. Hij was protestants opgevoed, maar deed er niets meer aan. Z’n vrouw katholiek, en deed er ook niets meer aan. Maar haar liet het niet met rust. Op een dag zei ze: ‘ik wil terug naar de kerk’, en gaf er meteen ook uitvoering aan. Er werd een kruisbeeld opgehangen in de kamer. Er kwam een Mariabeeld en een icoon. Hij zag het met groeiende frustratie aan. En op een avond werd de boosheid zo groot dat hij de icoon van de muur nam en op de grond stuk wilde gooien. Hij riep: ‘God als u bestaat, geef me dan geloof. Maria als je werkelijk moeder bent, toon je dan ook aan mij’.
Die nacht had hij een sterke visionaire droom. Maria verscheen aan hem en keek hem alleen maar aan, met intense liefde en betraande ogen. Het veranderde alles. Hij kwam tot geloof, en als protestant van origine werd hij apostel van Maria. Hij begreep ineens dat oude katholieke adagium Door Maria tot Christus, en haar geestelijk en universeel moederschap. Zoals zijzelf zegt tegen de herderskinderen in Fatima: "Wie zich aan mij toe- vertrouwt, beloof ik het heil. Deze zielen zal ik brengen als bloemen voor de troon van God".
De religie van de hoop
Christendom is de religie van de hoop. Jezus belooft ons een bevrijding die totaal is: uit alles wat ons bedrukt en beklemt zullen we opstaan. Alles wat gebroken is wordt geheeld. Alle knellende banden van verdrukking en onvrijheid worden gebroken. Alle zonden die we bij Hem brengen worden vergeven. Alles maakt Hij nieuw, een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Zelfs de dood zal verkeren in Leven en Opstanding.
Eens zal Hij alle tranen van de ogen afwissen, zegt de Schrift, want al het oude is dan voorbij. Tegen de macht van zijn Liefde is niets bestand. We worden verlost, niet door menselijk vernuft of ideologieën, niet door Zeus, Thor of Odin, niet door magiërs en mediums, zelfs niet door heiligen, wijzen en leraars, die ons wel de weg kunnen wijzen, maar alleen door Christus. Hij is de Weg, de Waarheid en het Leven zelf. In zijn eigen lichaam heeft Hij de twee werelden één gemaakt, schrijft Paulus; heeft Hij het menszijn a.h.w. opgeheven en vergoddelijkt, en door zijn Opstanding sleept hij ons mee in een totaal nieuwe dimensie van leven.
In de gemeenschap van de kerk, zijn mystieke Lichaam, reikt Hij ons door het Woord en de Sacramenten de middelen om ons met God te verzoenen, één te worden met Hem, en voor altijd in Zijn eeuwig goddelijk leven te delen. Hier ligt onze missie voor deze tijd. Zelf proberen vanuit deze hoop en kracht te leven, en anderen de weg wijzen naar die werkelijke verlossing, naar vergeving en heling. Dat is naar Christus. Maria baant voor ons die weg. Mogen we in deze meimaand haar voorspraak en bemiddeling voor onszelf en onze dierbaren bijzonder ervaren.

+ Mgr. dr. Jozef M. Punt
Bisschop van Bisdom Haarlem-Amsterdam