

Naar eenheid van de christenen
gepubliceerd: maandag, 31 januari 2011
In Januari was ik in Afrika. De reis begon slecht, met enorme vertragingen en een noodlanding in Dubrovnik, maar uiteindelijk was het het allemaal waard. In Ethiopië had ik de eer het Timkat feest van de Orthodoxe kerk mee te maken als gast van de Patriarch. Daarin vieren ze op grootse wijze de doop van de Heer in de Jordaan. Duizenden mensen verzamelen zich in wit gekleed. Priesters trekken zingend en biddend om een groot bassin heen. De Patriarch zegent het water en besprenkelt het volk. Een indrukwekkend gebeuren.
In Kenia bezochten we verschillende missieprojecten. Het meest hebben me de bezoeken aan de slums van Naïrobi geraakt. Vooral de levenskracht en het diepe geloof van zovele mensen. Hun bestaanszekerheid reikt vaak niet verder dan één dag. Of er morgen weer wat eten is weet men niet. Ik heb gevraagd hoe ze met die onzekerheid omgingen. Het antwoord was steeds: de Heer zal voorzien. Het geloof in God is een dragende realiteit in het leven van alledag. Het gebed overal op natuurlijke wijze aanwezig. Het mag ons tot nadenken stemmen.
Veel projecten zijn oecumenisch van aard. Christenen van verschillende denominaties zetten zich gezamenlijk in voor armen, vluchtelingen, aidspatiënten etc. Ook wordt er veel samen gebeden. Maar nergens worden Eucharistie en Avondmaal vermengd. Hier respecteert men een grens, die er niet primair is vanuit kerkrecht of regels, maar vanuit geloof. Bij ons lijkt men soms te denken dat het negeren van wezenlijke geloofsverschillen oecumene bevordert. Ik denk dat het goed is hier iets over te zeggen. Uiteraard weet ik dat ook protestantse christenen in het avondmaal een bijzondere aanwezigheid van de Heer beleven, en heb daarvoor alle respect. Maar het grote onderscheid met het katholieke geloof blijft toch, dat wij geloven, dat de priester door handoplegging en gebed op unieke wijze met Christus verbonden wordt, en in Zijn Naam en Zijn Persoon zonden mag vergeven en Hem werkelijk tegenwoordig stellen in de heilige Eucharistie. Wij geloven dat Christus in de Eucharistie zich offert aan de Vader in volstrekte eenheid met Zijn Offer op Golgotha, en juist dit offerkarakter van het Sacrament wordt door alle reformatoren hartstochtelijk verworpen.
Hetzelfde geldt van Zijn persoonlijke aanwezigheid onder de gedaanten van brood en wijn, die ook na de liturgische viering blijft en recht heeft op eerbiedige verering. Daarom heeft een katholieke kerk een tabernakel, en een protestantse niet. Dat alles neemt niet weg dat ook ik het ontbreken van volle eucharistische eenheid tussen katholieken en protestanten ervaar als een wonde in het Lichaam van Christus, en hoop dat de Geest ons tot verdere eenheid brengt. Maar dit vraagt allereerst wederzijds respect en dialoog, en niet het verdoezelen van wat ons helaas nog scheidt: Mist leidt tot ongelukken. Het doet onrecht aan het geloof van mensen en – in katholieke visie - bovenal aan de Heer zelf, die door ieder die Hem nuttigt ten volle erkend wil zijn in dit grandioze Mysterie van zijn Liefde.
Het strooit ook zand in de wielen van die oecumene aan de andere kant, die vaak vergeten wordt, namelijk die met de oosters orthodoxe kerken en de oriëntaalse kerken in het Midden- Oosten en in Afrika. Het gaat hier om vele honderden miljoenen christenen, die heel dicht bij ons staan. In het denken over ambt en eucharistie, over sacramenten en Maria, zijn er eigenlijk geen verschillen. Alleen nog over het primaatschap van de paus, en in uiterlijke vormen. Elk jaar op sacramentsdag dragen we samen met Kopten, Armeniërs, Syrisch- orthodoxen en vele anderen de eucharistische Heer door de straten van Amsterdam als een gemeenschappelijk getuigenis. In November hadden we paus Shenouda van de Koptische christenen als gast in onze kathedraal. Een maand geleden hebben we op een congres in Amsterdam samen nagedacht hoe te komen tot een gemeenschappelijke paasdatum.
Ook deze eenheid is cruciaal in onze tijd. Juist onze oosterse broeders en zusters lijden in deze tijd extreem onder verdrukking en vervolging. De recente aanslag in Caïro op Koptische kerkgangers hebben we nog vers in herinnering. Vorig jaar werden in Turkije twee bisschoppen vermoord. In Irak zijn een miljoen christenen verdreven. In China, Noord-Korea en zelfs India is er vervolging. Elk jaar worden er wereldwijd vele tienduizenden christenen vermoord vanwege hun geloof. Het christendom is met afstand de meest vervolgde godsdienst op deze aardbol, en het wordt alleen maar erger. Tot nu toe repte niemand daarover, en lieten we hen alleen. Gelukkig begint dat nu te veranderen. Blij was ik vooral met de reactie van verschillende Islamitische leiders in Egypte en ook in Nederland. Het is absoluut cruciaal dat christenen en moslims sámen opkomen voor volledige vrijheid van onze oosterse broeders en zusters, om niet af te glijden in gevoelens van haat en wraak.
Onze geseculariseerde tijd vraagt om een gezamenlijk getuigenis van alle christenen. We kunnen ons geen verdeeldheid meer veroorloven. Ik zie het als een prioriteit om authentieke wegen naar meer eenheid te zoeken. Onze eigen kathedrale koorschool is, in mijn beleving, daarvan een goed voorbeeld. Bijna de helft van de leerlingen van protestantse huize. In alles trekken zij samen op met hun katholieke medeleerlingen. Alleen bij de communie wordt ieders geloof gerespecteerd. Maar er blijft zoveel dat we als christenen samen kunnen doen. Het is tijd om ons aaneen te sluiten. Tijd om hier in het Westen verdeeldheid, geloofsafval en eigen falen, te overwinnen, en voor mensen de weg naar Christus, en daarmee naar verlossing en eeuwig leven weer te openen. De arme en vervolgde christenen in het Oosten en Zuiden zijn daarbij ons voorbeeld en onze hoop. Hun lijden is het zaad van een nieuw Pinksteren, dat de verstikkende duisternis die de mensheid omhult, eens zal openbreken.

+ Mgr. dr. Jozef M. Punt
Bisschop van Bisdom Haarlem-Amsterdam