

Jaar van het Geloof - Jaar van Genade
gepubliceerd: maandag, 7 januari 2013
Op 11 oktober 2012 heeft paus Benedictus XVI een “Jaar van het Geloof” afgekondigd, bij gelegenheid van de vijftigste verjaardag van de opening van het tweede Vaticaans concilie. Het duurt tot en met 24 november 2013, het hoogfeest van Christus Koning.
In dit jaar worden we bijzonder uitgenodigd ons geloof te verdiepen en te vernieuwen, door er meer van te weten te komen, maar ook door te proberen er meer naar te leven. Het geloof belooft veel: De gave van de Geest, de vergeving van je zonden, eeuwig leven en geluk, maar het vraagt ook veel. Het vraagt dat je oprecht probeert jezelf stap voor stap te veranderen en te verbeteren, en God en je medemens lief te hebben, zelfs je ergste vijand.
Als de leerlingen Jezus eens vragen wat nou het allerbelangrijkste is in het geloof, dan zegt Hij: “Ge zult de Heer uw God beminnen met heel uw hart, heel uw ziel, heel uw verstand en al uw krachten, en uw naaste als uzelf. Daaraan hangt de hele wet en de profeten”.
Aan de Kerk heeft Hij de zending toevertrouwd om mensen op die weg, in dat groeiproces, te ondersteunen en te sterken met de kracht van Woord en Sacrament, gebed en gemeenschap.
De paus heeft besloten om dit jaar tevens een bijzonder jaar van genade te laten zijn. Daartoe heeft hij alle gelovigen de mogelijkheid gegeven om dit jaar een ‘volle aflaat’ te ontvangen.
Bij ‘aflaat’ denken we al snel aan middeleeuwse misstanden. Maar er gaat ook een prachtige werkelijkheid in schuil. Het kwaad dat we doen laat altijd negatieve gevolgen na in onszelf en bij anderen. Ook als we vergeving gevraagd en gekregen hebben, zijn die niet zomaar weg. ‘Aflaat’ betekent dat een gelovige door het lijden van Christus en de verdiensten van de heiligen, ook hiervan bevrijd wordt, of het ten goede kan laten komen aan overledenen.
Voor het verkrijgen van een aflaat wordt altijd gevraagd dat gelovigen een biecht spreken, de heilige communie ontvangen en bidden voor de intenties van de Paus. Het is echter aan de plaatselijke Bisschoppen overgelaten om de nadere voorwaarden in te vullen, waaronder deze bijzondere genade kan worden ontvangen. Ik wil dit voor ons bisdom aan de drie dingen binden, zonder welke geloof niet echt vruchtbaar kan zijn: verzoening met God, verzoening met de ander, en openlijk durven getuigen van je geloof.
- Het eerste wordt al ten volle gerealiseerd in een biecht, waarin we het kwaad van ons leven – voorzover we ons daarvan bewust zijn - durven uitspreken, en als Gods antwoord daarop de sacramentele vergeving ontvangen.
- Het tweede wordt voldaan als we een act van verzoening stellen naar diegenen met wie we in ernstige onvrede te leven, al is het maar een gebaar of een kaart. Of vrede daadwerkelijk tot stand komt, hangt natuurlijk niet alleen van ons af. Belangrijk is dat er geen haat of wrok blijft zitten in je hart. Is dit niet het geval, doe dan gewoon wat goeds voor een ander.
- Het derde wordt voldaan als we in dit jaar een daad stellen van openlijk geloofsgetuigenis door deel te nemen aan een Sacramentsprocessie (b.v.Laren of Amsterdam), de Stille omgang, een Mariale gebedsdag of viering (b.v. Amsterdam met Pinksteren of Heiloo, in het kader van het 300 jarig jubileum), of een andere publieke katholieke religieuze manifestatie. De paus voegt nog deelname aan een studiedag over het Concilie of de Catechismus van de Kerk aan de mogelijkheden toe. Wie dit door ouderdom of ziekte niet meer kan, is hiervan vrijgesteld.
In dit leven proberen we te groeien in de liefde tot God en de naaste. De leer van de aflaat is gebaseerd op dit verlangen naar meer heiligheid, en op het geloof dat allen die ons in geloof zijn voorgegaan ons bijstaan omdat zij als gemeenschap van heiligen met ons verbonden zijn. Door de aflaat krijgen wij deel “aan de schat van genoegdoening van Christus en de heiligen”. Moge dit jaar van het Geloof velen een verdiept geloof, en nieuwe vrede en kracht geven.

+ Mgr. dr. Jozef M. Punt
Bisschop van Bisdom Haarlem-Amsterdam